Natuurreis Wolf en Europese lynx in Wisentenland DEEL II

Een sfeer- en beeldverslag van de voorbije Paasperiode (deel 2)

Zaterdag 2 april – sappig grastapijt

De cameraval verklapt ons dat er de voorbije nacht Wolven op het toneel verschenen. Het bewijst nog maar eens hoe slim en schuw deze beesten zijn. Bij het minste onnatuurlijke geluid blijven ze weg van de hut. Hun boodschap naar iedereen die hen wil bekijken vanuit de hut is duidelijk: doe alles in slow motion en beperk activiteit tot een minimum. Pas als de Wolven ervan overtuigd zijn dat het veilig is, krijgen we ze te zien.

Waar we vorig jaar in dezelfde periode nog in een besneeuwd landschap vertoefden, is het nu volop lente. De hoge temperaturen van de voorbije dagen zorgen voor een echte seizoenwissel. De metamorfose die de weilanden rondom het logement ondergaan, is verbazingwekkend. Het snelle tempo waarmee de  gele, verdorde begroeiing plaats maakt voor een nieuw, frisgroen tapijt van sappig gras oefent bovendien een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit op de Wisenten die zich in de omringende bossen ophouden.

De situering van onze blokhutten op een zuidhelling is nu optimaal voor het spotten van Europa’s zwaarste hoefdier. En tijdens het ochtendgloren is het zover: vier Wisenten foerageren in vol ornaat vlakbij de blokhutten. Om de kudde niet te verstoren, blijven we binnen. We observeren en  fotograferen de statige dieren vanuit de keuken en het slaapkamerraam.  Gaandeweg maakt het krieken van de dag plaats voor de eerste zonnestralen. Dat blijkt voor de Wisenten het teken om op te krassen. Snel kiezen ze via de achterliggende heuvels weer voor het  uitgestrekte, eindeloze bosareaal. Ongetwijfeld een veiligere en vertrouwde omgeving voor de grazers.

Na de Wolf en de Lynx van gisteren, scoren we hiermee weer de volle pot. Opnieuw spotten we één van de echte topsoorten van deze streek. Na het ontbijt genieten we wat van de voorjaarszon en het omliggende landschap. Vanop het terras geven zingende en baltsende vogelsoorten als Geelgors, Kruisbek, Grijskopspecht, Grote Gele Kwikstaart en Schreeuwarend het beste van zichzelf. De kinderen amuseren zich eindeloos in het plaatselijke riviertje.

WIL JIJ SAMEN MET ONS DIT UNIEKE AVONTUUR BELEVEN? KLIK DAN HIER VOOR MEER INFO!

Op de middag splitsen we op: één deel van de groep naar de hut en zal daar de nacht doorbrengen, terwijl Jan en Dave post vatten op het gekende uitkijkpunt.

Voor de hut is er heel wat activiteit die avond. Het gekibbel van het koppel residentiële Buizerds en Raven wordt opgevrolijkt door een Blauwe Kiekendief op doortrek. Het is een mannetje dat langzaam over het weiland en boven de rij sparren passeert. Ook verschijnt een Reebok die kort wat graast op het weiland. Die nacht horen de hutbewoners Oeral-, Dwerg- en Bosuil en bewonderen ze door de nachtkijker Vos en Das.

Op het uikijkpunt aangekomen, splitsen Jan en Dave nogmaals op om het gebied nog beter te kunnen overzien en de kans te vergroten om residentiële topsoorten effectief in het vizier te krijgen. Gewapend met telelens en verrekijker, klimt Jan wat verder een achterliggende heuvelrug op. Dave vat post op het klassieke, wat lager gelegen uitkijkpunt. De tactiek blijkt te werken. Jan spot een Wolf, Dave de kudde Wisenten van weleer.

De manier waarop de Wolf op het toneel verschijnt, is zo typerend voor de soort: net voor de schemering, in een uithoek die uitzicht geeft over het hele gebied, komt hij super alert en onder de radar tevoorschijn uit het struikgewas. Wat de Wolf dan doet is een beetje gelijkaardig aan wat Jan doet: de omgeving afspeuren om een potentiële prooi te vinden. Bij Jan is dat, met de ontdekking van de Wolf, meer dan gelukt. Voor de Wolf is dat niet het geval. Hij verandert dan maar van tactiek: met de neus tegen de grond begint hij lijntjes te lopen op het veld. Hij wil op die manier geursporen detecteren. Een tactiek die wel positief uitdraait: al gauw heeft de Wolf een geurspoor te pakken en start hij z’n jacht. Ook Dave krijgt de Wolf nog heel even in het vizier voor hij verdwijnt in het bos dat aan het weiland grenst.

Op de terugweg gebruiken we de spotlight om dieren te zoeken. Heel wat Reeën en Edelherten en ook enkele Vossen verschijnen in de lichtbundel. Ook het groepje in de hut wordt getrakteerd: een imposante Wisentstier stapt door het weiland voor de hut. De kolos neemt daarbij zelfs even de tijd om te snuffelen aan het karkas. 

Zondag 3 april – beverwatchen 

Tijdens de ochtendlijke rit naar de hut om het groepje op te pikken dat er de nacht doorbracht, spot Jan in de berm een foeragerende Hop. Dat we deze doortrekker (en ook de Beflijsters) hier zien, en tegelijk Schreeuwarenden en Zwarte Ooievaars waarnemen nabij het logement, geeft duidelijk aan dat zomergasten hun broedareaal bereikt hebben en anderen er nog naar op weg zijn. ’s Avonds gaat Jan met de Britse vader en zoon naar de hut. De rest van het gezelschap vult de avond met een potje beverwatchen. Dat lukt aardig. Eens het echt donker is geworden aan de beverpoel naast de burcht, klimmen de Bevers hun dammen over om, via verbindingskanaaltjes, in  de overige, nabijgelegen poeltjes op zoek te gaan naar voedsel.

DEZE REIS BELEVEN MET HET GANSE GEZIN? DAT KAN VOLLEDIG OP MAAT. DE EERSTE WEEK VAN DE PAASVAKANTIE IS VOLLEDIG VOLZET, MAAR VOOR DE TWEEDE WEEK IS ER NOG PLAATS VOOR 3 GEZINNEN.

Maandag 4 april – klinken op Biescady

Onze ochtendroutine: terwijl het ene deel van het gezelschap van de hut naar het logement rijdt, maken de ‘thuisblijvers’ een ochtendwandeling. Ze spotten een Hop. Na het ontbijt is het kuieren en genieten van de voorjaarszon en het omliggende landschap. Deze locatie is ongelooflijk harmonisch met baltsende vogelsoorten als Geelgors, Kruisbek, Grijskopspecht, Grote Gele Kwikstaart en Schreeuwarend in een prachtig landschap. Van zo’n plaatje wordt een mens instant vrolijk. Het kwik haalt net geen 20 °C, haast zomerse temperaturen! De kinderen trekken dan ook hun zwemspullen aan om hun natuurexploratie in het plaatselijke riviertje wat hoger te tillen dan enkel pootje baden. Na een warme maaltijd in een lokaal restaurant rijden we naar een publieke plaats van waaruit verschillende wandelingen starten. Behalve twee locals, zijn we er helemaal alleen. Het illustreert nog maar eens waarom Bieszczady in de paasperiode zo top is: weinig tot geen menselijke aanwezigheid in het gebied, hongerige carnivoren actief op zoek naar voedsel, het kantelmoment (eerste groen) van de seizoenswissel en vooral: geen jachtdruk. Met nog steeds zomerse temperaturen vatten we de wandeling aan. Vrij snel stuiten we op een schat aan sporen: die van een jonge Bruine beer, Europese lynx, Wolf, Edelhert, Ree en Boommarter. Zo makkelijk gaat dat in Bieszczady! Gewapend met telescopen en verrekijkers, stellen we ons tijdens de avond wat verdekt op. We vatten de scansessie aan in de hoop één van deze grote carnivoren in het vizier te krijgen. De focus ligt daarbij op een door bos omgeven weiland. We spotten, met een totaal aantal van zeven Edelherten en dertien Reeën, enkel hoefdieren. Carnivoren komen vanavond niet tevoorschijn. Tijdens de terugrit blijft nog steeds, door gebruik te maken van de spotlight, enkel de hoefdierenteller lopen. Reeën zijn immers alom aanwezig. Als we de welgekende ‘berenweg’ naderen, stijgt onze alertheid weer wat. De weg dankt zijn bijnaam aan de vele sporen en uitwerpselen van Bruine beren die we er de voorbije jaren keer op keer aantroffen. Met een mooie Oeraluil in de lichtbundel, start de spotsessie alvast veelbelovend. Maar voor we het weten is de weg ten einde. Spotlight uit, nog even de gekende bergpas over om weer in het logement te arriveren. Geen carnivoor vandaag dus. Maar het lot beslist er plots anders over. Wanneer we de laatste bocht indraaien, daar waar de weg de heuvelrug doorklieft, steekt een EUROPESE LYNX pal voor de wagen de weg over. Ongelofelijk! Verwarring! Adrenaline! Het ontbreekt me aan rust en kalmte om de spotlight weer aan te sluiten. Bovendien staan we op een gevaarlijke plaats met de wagen. Met een kleine ledlenser, die wordt opgediept uit een jaszak, zien we de grote poes bovenaan de steile wegberm zitten. Net zoals met de vorige waarneming, is het de Lynx zelf die zich vergaapt aan een schouwspel van een groepje mensen dat, in totale euforie, niet goed weet wat het nu moet doen. Om de Lynx beter en volledig te zien  en op dezelfde ooghoogte te geraken, klimmen we zelf de overliggende wegberm op.  Maar dat blijkt een brug te ver. De Lynx staat op, legt z’n oren plat en zet het, met een kwispelend staartje, op een lopen. Nog even kunnen we de poes zo in draf bewonderen waarna ze in het aanpalende bos verdwijnt. Met deze ontmoeting slagen we erin om in minder dan vier dagen twee Europese lynxen waar te nemen! Het spreekt voor zich dat we daarna kort en krachtig het glas heffen: Bieszczady boven!

Dinsdag 5 april – grenscontroles 

Terwijl de Lynx-waarneming van gisteren nog in onze lijven nazindert, start ook deze dag met een stoot van adrenaline. Bij het openen van het keukengordijn, blijkt er weer een groepje Wisenten op de helling te staan. Pal achter onze hutten! Het is opnieuw het lentefrisse gras op de zuidelijk georiënteerde helling, dat als een magneet deze dieren aantrekt. De stieren, die zo gefocust zijn op foerageren, verliezen er volledig hun schuwheid door. We hebben geluk: de kolossen blijven nog even hangen terwijl het ochtendgloren plaats maakt voor volle zon. Close ups met de telelens à volonté! Intussen slaagt René erin om, door gebruik te maken van een geluidsopname, een roepend mannetje Hazelhoen mooi in het vizier te krijgen.

We begeven ons opnieuw naar het Pools-Oekraïense grens.  De heenrit wordt opgefleurd met waarnemingen van Notenkraker, Zwarte Ooievaar en Schreeuwarend. Het weer is nu ronduit zomers. De wandeling zelf blijkt niet echt productief op vlak van waarnemingen. Een kort gesprek met lokale ranger spreekt wel tot de verbeelding. In dit gebied wonen twee Europese lynxen, meerdere Bruine beren en wolven. Ook de scansessie nabij de parking op de avond levert weinig spectaculairs op. Hoefdieren komen niet of pas laat tevoorschijn en carnivoren zien we niet. Het kan niet altijd prijs zijn natuurlijk. Controle door grenspatrouilles, zowel tijdens de namiddagwandeling als tijdens de terugrit, bezorgen ons het nodige oponthoud, maar ook dit maakt deel uit van de reis. Vermoeid van een lange dag, kruipen we in ons bed.

Woensdag 6 april – de heerser van het luchtruim

De meesten kiezen ervoor om vandaag eens uit te slapen na de drukke dag van gisteren. De dapperen die tijdens het ochtendgloren toch een wandeling maken, worden beloond met een galopperend Edelhert. Het gedrag van het dier, dat in totale paniek komt aangerend, geeft duidelijk aan dat de Wolvenroedel op jacht is in de nabije omgeving. De predatoren zelf blijven onder de radar. Het groepje dat de nacht in de hut doorbracht vult - met waarnemingen van Schreeuwarend en Havik - de lijst aan van roofvogels die op en nabij het karkas gezien worden. Jammer genoeg zagen ze deze nacht geen carnivoren.

Rond de middag is het de beurt aan Jan en René om naar de hut te gaan. Tijdens de heenrit steekt een mannetje Hazelhoen de weg over. Eens in de hut, blijkt eens te meer de aantrekkingskracht van het kadaver, dit keer vooral op Raven. Binnen de kortste keren zijn we getuige van het o zo typische gebikkel van een zwerm van 52 zwarte vogels op en nabij het karkas. Taferelen die je enkel ziet als je in een hut zit! Hun plotse verdwijnen doet een belletje rinkelen: de heersers van het luchtruim arriveren. Om 16u30 landt een Steenarend op het karkas. Het wordt het enige hoogtepunt van deze sessie in de hut.

IN HET VOORJAAR VAN 2017 ORGANISEREN WE DEZE FORMULE IN GROEPSREIS. NOG MAAR 3 PLAATSEN VRIJ! KLIK HIER VOOR MEER INFO!

Donderdag 7 april – Everbeer

De eigenaar van de hutten is de gelukkige vroege vogel van de dag: hij ziet de Wolvenroedel passeren bovenaan de heuvelflank achter de hutten.

Na wat kuieren in de voormiddag en lekkere warme maaltijd in een lokaal restaurant, rijden we naar één van de belangrijke look-outs. We wandelen er eerst parallel met de meanderende San-rivier. Opnieuw hebben we het rijk voor ons alleen. Hoe bevoorrecht kan je zijn! En met het voortdurende zomerweertje is het hier ronduit idyllisch. De verse geur-, vraat- en hoefsporen en wat uitwerpselen van Wisenten maakt ons waakzaam. Enkele bochten verder is het zover: een grote kudde Wisenten foerageert er op de verse begroeiing op beide oevers van de San. We kunnen de kudde lang en ongestoord observeren. Kopstotende jonge mannetjes, spelende kalveren, drinkende en foeragerende dieren,… Oernatuur van de bovenste plank! Op het uitkijkpunt worden we vergezeld door een ander deel van de groep. Een grondige scansessie levert een donkere, bruinzwarte dierlijke vorm op in de verte. Het doet aanvankelijk hoop reizen op een foeragerende Bruine beer maar bij nader inzien blijkt het een reusachtig Everzwijn te zijn. Onze avondlijke spotlightsessie levert nog meer Wisenten op en terug een Oeraluil. Het andere deel van de groep focust zich op een ander gebied en ziet een Wolf waar wij eerder de eerste Lynx ontmoetten. Zo kan en gaat dat hier!

Vrijdag 8 april – de lokroep van de Ruigpootuil

Tijdens de rit naar de hut, botst Jan -figuurlijk- op enkele Wisenten. De achtste of de negende ontmoeting met dit zeldzaam hoefdier tijdens deze reis? Een mens geraakt de tel kwijt! Na een afsluitende maaltijd met enkele lokale zoogdierwatchers, gaan we nog een laatste keer op pad. Jan loodst de Britten naar een afgelegen plaats waar ze mogelijk een Ruigpootuil kunnen zien. Het afspelen van het geluid van deze uilensoort heeft er direct effect. Binnen de kortste keren verschijnt er een exemplaar pal boven ons in de formatie van dichte dennen waaronder we staan opgesteld. De spotlightsessie levert geen grote carnivoor op. Wel Reeën, Edelherten, Das, Vossen en Wisenten.

Zaterdag 9 april – mooie liedjes zonder eind

Voor het eerst regent het deze reis. Tijd om huiswaarts te keren. Actieve Vuursalamanders maken het  natte wegdek echter onveilig. We plukken enkele exemplaren van de tarmac, schieten er wat plaatjes van en laden dan de wagen in. De achterblijvende groep krijgt nog wat instructies om zelf op pad te gaan. Dat blijkt een schot in de roos. Een excursie naar een nabij de hut gesitueerd meer levert twee Witrugspechten, een Otter en een Wolf op. Ook ontmoetten ze een dame die oog in oog stond met een Berin en haar jong… Aan mooie liedjes komt in Bieszcady nooit een eind…

Jan Kelchtermans